Onderwijsinspectie publiceert De Financiële Staat van het Onderwijs 2016

Gepubliceerd op: 13 december 2017

De Onderwijsinspectie houdt niet alleen toezicht op de kwaliteit van het onderwijs, maar ook op de financiële continuïteit van onderwijsinstellingen. Jaarlijks publiceert de inspectie in het kader van deze taak ‘De Financiële Staat van het Onderwijs’. De editie waarin de sectorcijfers 2016 worden gepresenteerd, geanalyseerd en becommentarieerd is eind vorige maand verschenen. De inspectie constateert dat ook in 2016 de besturen van de onderwijsinstellingen financieel gezond hebben geopereerd. In haar voorwoord beschrijft inspecteur-generaal Monique Vogelzang de afweging die schoolbesturen keer op keer moeten maken tussen enerzijds gezond financieel beleid en anderzijds een maximale inzet van de middelen voor het onderwijs. Ze constateert dat het lastig is om eenmalig toegekende middelen zó in te zetten dat zij structureel effect hebben. Toch ziet de inspectie dat de besturen er de afgelopen jaren in zijn geslaagd om extra toegekende middelen in te zetten, in de geest van het beoogde doel. 

Ook wordt benadrukt dat om een afgewogen financieel beleid te voeren, een goede toekomstplanning van belang is. Het gaat dan om de verbinding tussen strategisch beleid en financiële bedrijfsvoering. Die is de laatste jaren al wel verbeterd, maar kan zeker nog verder worden versterkt. Zo is het opvallend dat besturen vaak pessimistisch zijn in hun prognoses, waarna vervolgens overschotten ontstaan.
Enkele andere conclusies uit het rapport zijn:

  • Voor de komende drie jaar verwachten de sectoren primair en voortgezet onderwijs in hun meerjarenbegrotingen een rentabiliteit die schommelt rond de nul. De feitelijke resultaten binnen de onderwijssectoren waren het afgelopen jaar veel positiever dan de voorspellingen van een jaar eerder. Alleen de hogescholen sloten in hun realisatie goed aan bij hun voorspelling.
  • Het aantal instellingen dat de inspectie onder verscherpt financieel toezicht heeft geplaatst (24), is opnieuw minder dan het vorig jaar.
  • In de jaarverslagen van 2016 ziet de inspectie een verdere verbetering van de continuïteitsparagrafen. Dat geldt in het bijzonder voor de onderbouwing en inhoud van de meerjarenbegrotingen. De verbinding van het instellingsbeleid met het financiële beleid zou op een aantal punten nog beter kunnen.
  • De kwaliteit van de accountantsonderzoeken is de laatste jaren verbeterd. In de afgelopen vijf jaar zijn de accountantskosten die instellingen moeten maken voor de verplichte controles, niet gestegen. In het primair onderwijs is zelfs sprake van een substantiële daling van die kosten. De controles worden de laatste jaren steeds meer door kleinere accountantskantoren uitgevoerd.

Met de Financiële Staat van het Onderwijs 2016 wil de inspectie een bijdrage leveren aan het gesprek over de financiële aspecten van het onderwijs. De hoop is dat het rapport besturen van scholen en samenwerkingsverbanden aanzet om open te zijn over hun financiële situatie en de keuzes die ze maken. En dat het ze stimuleert om zowel toekomstgericht als risicobewust met hun geld om te gaan.
Lees het rapport

geen tags