Het sponsorconvenant helpt scholen bij het nemen van zorgvuldige en transparante beslissingen over het aangaan van sponsorovereenkomsten en is na een uitgebreide evaluatie vernieuwd. Ontwikkelingen rond digitalisering, sociale media en privacy waren belangrijke thema’s om het convenant te updaten. Belangrijke uitgangspunten bij sponsoring in het onderwijs:

  • de samenwerking mag de ontwikkeling van kinderen niet schaden;
  • de onderwijsinhoud mag niet worden beïnvloed;
  • het uitvoeren van de kernactiviteiten van de school mag niet afhankelijk van sponsoring worden;
  • alle betrokkenen bij de school moeten op een zorgvuldige manier met sponsoring omgaan.

Minister Slob heeft het convenant ook ter kennis gebracht van de Tweede Kamer en vervolgacties benoemd.

Het uitgangspunt van het sponsorconvenant is om enkele spelregels te hanteren wanneer bedrijven of organisaties geld of een materiële bijdrage geven aan het onderwijs.

Ongeveer een kwart van de scholen ontvangt een vorm van sponsoring. Het betreft veelal kleine, incidentele bedragen. Als een school geld van een externe bron ontvangt, dan betreft het doorgaans minder dan € 5.000 per jaar. Scholen die sponsoring ontvangen, houden zich volgens de evaluatie (al dan niet bewust) al aan de richtlijnen van het convenant. 

In de wet is vastgelegd dat besluitvorming over sponsoring door het bevoegd gezag aan de medezeggenschap moet worden voorgelegd. De informatieplicht en klachtenregeling zijn ook wettelijk geregeld. Het sponsorbeleid moet in het schoolplan en de schoolgids worden vermeld.

Het ministerie ontwikkelt een checklist voor scholen die de kern samenvat en helpt bij het gesprek met de medezeggenschap en met de inspectie. Dit verschijnt binnenkort. Het convenant is ondertekend door het ministerie van OCW, de VO-raad, de PO-Raad, AVS, LAKS, AOb, Ouders & Onderwijs, VNO-NCW, MKB-Nederland en de Groep Educatieve Uitgeverijen Scholieren.