Op 1 maart 2020 is de nieuwe subsidieronde voor de doorstroomprogramma’s po-vo gestart. Tot 31 mei 2020 kan door scholen voor po en vo subsidie worden aangevraagd voor programma’s die erop zijn gericht om de overgang van het primair naar het voortgezet onderwijs te versoepelen. De regeling kan ook interessant zijn voor samenwerkingsverbanden passend onderwijs die (niet wettelijke) taken op zich genomen hebben in het kader van de overgang van po naar vo en is onderdeel van het beleid om gelijke kansen in het onderwijs te bevorderen. De regeling is bedoeld voor leerlingen die in het voortgezet onderwijs op een hoger niveau kunnen presteren en dit ambiëren, maar niet of minder vanzelfsprekend dan hun klasgenoten ondersteuning of hulpbronnen tot hun beschikking hebben die nodig zijn om deze ambitie te realiseren. Het programma beslaat ten minste 100 klokuren en wordt door ten minste één school voor primair onderwijs en ten minste één school voor voortgezet onderwijs gezamenlijk vormgegeven. Het staat scholen vrij om de inhoud van het doorstroomprogramma te bepalen, mits wordt ingezet op kennis en vaardigheden die binnen de (overgang naar de) middelbare school van belang zijn, en de randvoorwaarden die nodig zijn om – in het vo – tot leren te komen. In het programma moet in ieder geval aandacht zijn voor omgevingsfactoren en de thuissituatie, zoals het helpen van ouders om hun kind bij het schoolwerk te ondersteunen. Daarnaast moet het programma in ieder geval nog aandacht besteden aan een van de volgende elementen: taal- en leesvaardigheid, andere cognitieve vaardigheden, of metacognitieve vaardigheden (‘leren leren’).