Over minder dan twee jaar, begin januari 2023, hebben de schoolbesturen po en de samenwerkingsverbanden po en vo hun eerste bekostiging ontvangen op basis van het nieuwe, vereenvoudigde bekostigingsstelsel po. De invoering ligt op koers. De minister heeft onlangs in dit proces twee documenten aan de Kamer gestuurd. Uit het document nota van wijziging blijkt dat de minister alleen nog maar technische en taalkundige aanpassing van de wetswijziging in petto heeft. Interessanter is het document ‘Nota n.a.v. het verslag modernisering bekostiging po’. Hierin beantwoordt de minister alle vragen die de Tweede Kamer nog heeft over de vereenvoudiging. Het document bevat interessante tabellen over herverdeeleffecten naar grootte van het schoolbestuur of de school, per regio en per denominatie. En over het afschaffen van de GGL (gewogen gemiddelde leeftijd per school) als bekostigingsindicator. 

Op pagina 8 wordt ingegaan op de vordering op OCW die schoolbesturen po thans per 31 december altijd opnemen op hun balans, omdat het betaalritme van de rijksbijdrage afwijkt van de boekhoudkundige verwerking van de baten. Deze vordering vervalt als er in het nieuwe stelsel geen sprake meer is van schooljaarbekostiging, maar van kalenderjaarbekostiging. Dit heeft een (boekhoudkundig) effect op de hoogte van het eigen vermogen van schoolbesturen en dus op de financiële kengetallen.

Het wetsvoorstel wordt op 18 januari 2021 behandeld in de Tweede Kamer.