Prinsjesdag, Miljoenennota en Algemene Beschouwingen

2019-09-25

In de Troonrede kende de onderwijssector geen prominente plek, alleen het lerarentekort kwam terloops ter sprake. In de Algemene Beschouwingen was veel aandacht voor het lerarentekort. Aanvankelijk leek de oppositie te kunnen bewerkstelligen dat er structureel geld kwam voor het bestrijden van het lerarentekort. Uiteindelijk volgde de coalitie de lijn van minister-president Rutte: alleen een eenmalig extra bedrag in 2020 voor leraren in het primair onderwijs, en dat onder de voorwaarde dat de bonden en PO-Raad eerst een cao afsluiten.

De begroting van het Ministerie van OCW 2020 beloopt een bedrag van ongeveer 40 miljard euro. Daarvan is ruim 11 miljard bestemd voor het primair onderwijs en bijna 9 miljard voor het voortgezet onderwijs. De begroting kent diverse beleidsintensiveringen, die overigens al eerder bekend waren gemaakt. Zoals de investeringen in de voor- en vroegschoolse educatie, de werkdruk in het primair onderwijs, de modernisering van de CAO primair onderwijs en de kwaliteit van het technisch onderwijs vmbo.

Verder laat de begroting zien dat de middelen die het ministerie van OCW van het ministerie van Financiën ontvangt voor loon- en prijsbijstellingen voor ongeveer 15% niet voor dit doel benut worden, maar besteed worden aan een project ‘Onderhoud en vervanging ICT DUO’ en het wegwerken van een financiële taakstelling die nog op de begroting drukte. Voorlopig blijft de doelmatigheidskorting nog wel boven de sector zweven. Tot slot: over de vereenvoudiging bekostiging vo zegt de minister toe in oktober met een brief naar de Tweede Kamer te komen; dan worden de definitieve parameters (vaste voet en bedrag per leerling) openbaar, waarschijnlijk ook via een rekentool.